BBR overtuigd: ‘Er is wél een alternatieve locatie voor azc Heerle’

Het toekomstige azc-terrein bij de Bergsebaan in Heerle.
De Roosendaalse raad is onjuist geïnformeerd door het college over mogelijke alternatieve locaties voor het azc in Heerle. Dat zegt Gerard de Backer van Burger Belangen Roosendaal (BBR). Er zou namelijk wel degelijk een alternatief voor het azc in Heerle aangeboden zijn aan de gemeente Roosendaal. Wethouder Klaar Koenraad ontkende dit tot op heden echter steeds, door verschillende locaties te bestempelen als ongeschikt.
Naar aanleiding van informatie over een alternatieve locatie, heeft De Backer maandag met spoed raadsvragen gesteld. Uit de informatie die hij had gezien bleek namelijk dat er wel degelijk een mogelijke locatie zou zijn aangeboden aan het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA). De locatie zou ook al aan de gemeente ter beoordeling zijn aangeboden. Tot dusver liet het college echter iedere keer weten dat er geen alternatieve locatie voor het azc in Heerle zou zijn. De Backer vindt dit geen normale gang van zaken. “Het college schoffeert de raad door informatie achter te houden.”
Volgens een woordvoerder van het COA is er in het najaar van 2024 een perceel aangeboden bij het COA als mogelijke alternatieve locatie voor het azc in Heerle. Dit perceel is door het COA beoordeeld en daarna volgens de richtlijnen voorgelegd aan de gemeente Roosendaal. De gemeente Roosendaal schoot deze locatie echter gelijk af, blijkt uit verschillende stukken. Het COA beoordeelde de plek echter als ‘niet noemenswaardig beter’ dan de locatie in Heerle.
Beantwoording raadsvragen
De raadsvragen van De Backer zijn inmiddels beantwoord. Het college laat weten dat er inderdaad eind vorig jaar een mogelijk alternatieve locatie is aangeboden bij het COA. Na een eerste observatie kwamen beide partijen tot de conclusie dat de locatie niet beter dan, of gelijkwaardig is aan de beoogde locatie in Heerle. Daarbij is rekening gehouden met verschillende factoren zoals ontsluiting en het daadwerkelijk te gebruiken oppervlakte, is te lezen in de antwoorden.
Ook stelt het college dat het zich verantwoordelijk voelt om uitvoering te geven aan de verplichting om een opvanglocatie te realiseren. Het college benoemt dat het waarde hecht aan een zorgvuldig proces dat stap voor stap wordt doorlopen. Daarbij houdt het rekening met gevoeligheden van omwonenden en andere inwoners, wat op elke locatie een rol speelt. “Ze blijven ontkennen dat er geen alternatieve locatie is, terwijl deze er wel is”, reageert De Backer na het lezen van de antwoorden.
Alternatieve locatie
De grondeigenaar van het perceel heeft zijn grond eind vorig jaar bij het COA aangeboden. Het gaat om een stuk grond aan de Madeliefberg in Roosendaal. “Ik kreeg toen reactie dat ze op dat moment niet op zoeken waren, omdat ze al in een vergevorderd stadium waren op een andere locatie”, laat hij weten. Toen is het een tijdje blijven liggen totdat hij in maart opnieuw een mail kreeg van het COA. “Daaruit bleek dat ze het alsnog hadden beoordeeld en het daarna doorgespeeld was naar de gemeente”, vertelt de perceeleigenaar.
Zelf vindt hij zijn stuk grond een stuk beter dan de locatie in Heerle. “Het kan beter door de gemeente beheerd worden en er zijn meer faciliteiten in de buurt”, zegt hij erover. Hij vindt het opmerkelijk dat het COA zijn perceel niet beter vind dan de locatie in Heerle. “Volgens mij kent de gemeente haar eigen grond beter dan het COA.” Hij hoopt dat de raad bij hun besluit woensdagavond de mogelijke alternatieve locatie meenemen. “Ik hoop dat ze een weloverwogen keuze maken.”
BBR vraagt zicht af waarom deze informatie nooit met de raad gedeeld is. De Backer stelt namelijk dat er op vragen over alternatieve locaties altijd ontkennend is geantwoord. “Als het echt zo blijkt te zijn dat er wel een alternatieve locatie aangeboden is, heeft de wethouder keihard staan liegen tegen de raad.”