Pete Wu: ‘Het idee van Nederlanderschap mag worden opgerekt’

Pete Wu, auteur van het boek ‘De bananengeneratie’ (Foto: Kevin Kwee)
Terwijl in Amsterdam landelijke demonstraties tegen racisme en fascisme werden gehouden, vond in Bibliotheek West-Brabant te Roosendaal een bijeenkomst plaats met schrijver en documentairemaker Pete Wu. In aanloop naar deze lezing sprak onze redactie met hem over zijn werk, zijn visie op representatie en zijn persoonlijke ervaringen als ‘banaan’.
Pete is weliswaar geboren in Zeeland maar noemt zich een Chinese Brabander. Hij is schrijver en journalist maar maakte ook een documentaire, naar aanleiding van zijn daarvoor verschenen boek De bananengeneratie. Ooit vertelde zijn moeder hem dat ie een banaan was: geel van buiten en wit van binnen. De term is niet door haar verzonnen. Meer Nederlanders met Chinese roots gebruiken deze benaming, met name onderling. Zelf gebruikt hij de term liever niet te veel meer, wat natuurlijk maar deels lukt als je boek en docu zo heten.
Van afkeer tot liefde
In het betreffende boek, dat verscheen in 2019, gaat Pete in gesprek met andere kinderen van Chinese migranten. Belangrijkste thema’s: discriminatie, cultuur, generatiekloven én de liefde. De auteur is tevens homoseksueel en maakt dus op meerdere manieren discriminatie en cultuurverschillen mee. Zijn boek werd later verwerkt in een theaterstuk en leidde dus tot een driedelige serie bij de NPO.
Persoonlijke Ervaringen
De schrijver deelt zijn eigen worstelingen met identiteit en acceptatie vrij openhartig. Hij spreekt over de verschillen tussen generaties en de moeilijkheden die zijn ouders ondervonden door hun migratie. Opgroeien leverde best wat uitdagingen op, waarbij verschillende werelden niet altijd zonder strubbelingen samenkwamen. “Het moeilijkste was hoe ik mijn ouders moest begrijpen. Omdat zij natuurlijk niet snappen wat homoseksualiteit was, en ook niet snappen hoe het is om het kind te zijn van migrant.” Dan was – én is- er nog de buitenwereld. Die soms wat vindt van zijn geaardheid, soms wat van zijn uiterlijk en soms van allebei.
Identiteit en representatie
Bibliotheek West-Brabant in Roosendaal en antidiscriminatiebureau Radar zagen in hem een tot de verbeelding sprekende gast voor een dag in het teken van strijden tegen racisme en discriminatie.
Wu heeft een lezing gehouden over zijn boek, de documentaire en andere werken. Hij vindt representatie in de media belangrijk. Daar ontstaat immers een serieus deel van de maatschappelijke beeldvorming. Bij presentaties als deze vraagt hij altijd aandacht voor hoe stereotypen over Oost-Aziatische Nederlanders ontstaan en hoe deze van invloed zijn op de identiteitsvorming. Pete: “Het hele boek gaat er over dat het idee van Nederlanderschap een beetje opgerekt mag worden, zodat mensen zoals ik daar ook in passen.”
Veranderingen (goed en slecht)
Wu ziet een positieve verandering in de manier waarop over representatie wordt gedacht. Hij is bezig met nieuwe projecten, waaronder een roman en een theaterstuk, waarin identiteit een subtielere rol speelt. En in de media maar ook films of series is steeds minder sprake van makkelijke stereotypes. “Ik denk dat de volgende stap in representatie is, dat het idee van identiteit in ieder geval niet meer de hoofdmoot of het hoofdprobleem is van een verhaal. Dat dat gewoon bestaat.” In zijn eigen nieuwe roman (die dit najaar verschijnt) en een theaterstuk dat al in April in première gaat, spelen andere thema’s een hoofdrol.
Zijn we er daarmee? Zeker niet, vertelt de ervaringsdeskundige. Hij geeft aan dat sinds het coronavirus en de opkomst van types als Donald Trump, de visie op Aziatische mensen ook wel eens ten slechte is veranderd. Hij heeft zelf meegemaakt dat mensen hem aanspreken op politieke onderwerpen die gaan over China, een land waar hij slechts enkele keren is geweest.
Precies daarom zijn lezingen als dit zo belangrijk volgens hem. Pete hoopt dat het bijdraagt aan meer begrip en empathie voor Nederlanders als hij. “Ik heb ze niet geteld, maar er waren zo’n vijftien mensen bij de lezing in Roosendaal”, blikt hij terug. “Ik hoop dat ik een zaadje heb kunnen planten waar mensen meer over dit onderwerp gaan nadenken.”